Home » Roparun » Veiling » Seminars

Seminars

Professor Roland Bal

foto Roland BalRoland Bal is hoogleraar Bestuur en beleid van de gezondheidszorg bij het iBMG. Hij is specialist op het gebied van kwaliteitsbeleid binnen de gezondheidszorg met speciale aandacht voor de rol van kennis en informatie. Op dit moment houdt hij zich voornamelijk bezig met sturingsprocessen binnen en tussen organisaties. Hij is onder meer betrokken bij onderzoek naar regionale zorgportalen, toezicht en kwaliteitsverbeteringsprogramma’s.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Knowledge to action: wetenschap en praktijk

Implementatie is een van de belangrijkste vraagstukken waar de zorg zich voor gesteld ziet. Tegelijkertijd is implementatie echter een effect van de manier waarop kennisontwikkeling en -verspreiding enerzijds en het primair en secundair proces anderzijds van elkaar gescheiden zijn. Voorbeelden daarvan zijn legio. Het van onderop organiseren van kennisontwikkeling lijkt een goede strategie om hiertegen in te gaan. Kwaliteitsprogramma´s als Zorg voor Beter en de Academische Werkplaatsen Publieke Gezondheid leveren vele voorbeelden van hoe dat kan. In dit seminar worden deze besproken.

• E-Health

Iedereen is het er over eens dat ICT een onmisbaar element is geworden in de zorg. Toch blijft implementatie van nieuwe applicaties en systemen een belangrijk probleem. In dit seminar gaan we in op de huidige ontwikkelingen met betrekking tot ICT, met name (a) het bouwen van regionale portalen en (b) het versterken van de positie van burgers en patiënten hierin, mede op basis van de ervaringen met Zorgportaal Rijnmond en tal van andere projecten waar ik de afgelopen jaren onderzoek naar heb gedaan.

• Kwaliteitsindicatoren

Zorgorganisaties worden doodgegooid met vragen om kwaliteitsinformatie. Inspectie, ZiZo, verzekeraars en patiëntenorganisaties strijden om aandacht. Veel tijd wordt door deze organisaties gestoken in het ‘valide’ maken van indicatoren, maar helaas is er nauwelijks aandacht voor de vraag hoe al deze informatie bruikbaar te maken voor de kwaliteit van zorg. Zorginstellingen worden mede daardoor in een positie van verantwoording in plaats van verbetering geplaatst.

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat indicatoren betekenisvol worden voor de organisatie? Op welke wijze kunnen indicatoren worden ingebed in interpretatieve processen en daadwerkelijk bijdragen aan kwaliteitsverbetering? In dit seminar besteden we aandacht aan deze vragen op basis van vele empirische voorbeelden voortkomend uit onderzoek.

›› breng een bod uit

Professor Werner Brouwer

foto Werner BrouwerWerner Brouwer is hoogleraar Gezondheidseconomie bij het iBMG en prodecaan van het iBMG. Zijn expertise ligt op het gebied van de methodologie van economische evaluaties en de link tussen economische evaluaties en gezondheidszorgbeleid. Hij is lid van de editorial board van verschillende prominente wetenschappelijke tijdschriften binnen de gezondheidseconomie en lid van verschillende ZonMW-commissies.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Value of Health

De zorguitgaven stijgen sterk en dat is volgens veel mensen problematisch. Aan de andere kant zorgen de zorguitgaven voor meer gezondheid. Deze gezondheid is op meerdere manieren waardevol. Maar wat weten we eigenlijk over de waarde van gezondheid?

• Economische evaluaties en het basispakket

Er wordt veel nagedacht over de grenzen aan het basispakket. Een belangrijke rol bij het afbakenen van het basispakket is weggelegd voor economische evaluaties. Hoe werken zulke evaluaties precies en hoe kan op basis van die evaluaties het pakket worden vastgesteld? Op welk niveau zou het pakket eigenlijk moeten worden vastgesteld?

• Economie van ongezond gedrag: tijd voor een vettax?

Ongezond gedrag, zoals roken, te veel eten en te weinig bewegen, kan een belangrijke invloed hebben op gezondheid en zorgkosten. Hoe is de relatie tussen gedrag en zorgkosten eigenlijk? Wat is de rol van ‘eigen verantwoordelijkheid’ bij het vergoeden van zorgkosten? Moeten rokers meer zorgpremie betalen? En is een vettax een goed idee?

• Zorgsparen

De zorgkosten lopen steeds verder op. Dit roept vragen op over de toekomstige betaalbaarheid van de gezondheidszorg. Soms wordt zorgsparen als een oplossing geopperd. Maar wat is dat eigenlijk precies? En waarvoor kan het eigenlijk een oplossing zijn?

• Informele zorg

Er zijn in Nederland meer mantelzorgers dan formele zorgverleners. Ze spelen een belangrijke rol in het totale zorgaanbod aan mensen met een ziekte of handicap. Maar welke invloed heeft het verlenen van mantelzorg op het leven en de gezondheid van mantelzorgers? Hoe kun je deze impact van mantelzorg op mantelzorgers in kaart brengen?

›› breng een bod uit

Professor Martin Buijsen

foto Martin BuijsenMartin Buijsen is jurist en filosoof, en als hoogleraar Recht & gezondheidszorg verbonden aan zowel het Instituut Beleid & Management Gezondheidszorg als Erasmus School of Law. Zijn onderzoek richt zich op juridische vraagstukken op de terreinen van de zorgverlening, zorgfinanciering en zorgverzekering, zowel vanuit nationaal als internationaal perspectief. Hij is lid van enkele redactieraden en daarnaast onder meer toezichthouder bij verschillende zorgorganisaties.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Het medisch beroepsgeheim

Artsen zijn tot geheimhouding verplicht om patiënten onbelemmerde toegang te geven. Gezegd wordt echter dat dit beroepsgeheim momenteel onder druk staat. Niet alleen omdat de buitenwacht het beroepsgeheim soms niet begrijpt, maar vooral ook omdat de artsen zelf niet altijd even goed lijken te weten hoe met het beroepsgeheim moet worden omgegaan. Zie het optreden van neurochirurg Tulleken en de gang van zaken rondom het VUMC. Wat houdt het medisch beroepsgeheim eigenlijk in? Wat zijn de laatste ontwikkelingen in de jurisprudentie?

• eHealth en patiëntenrechten

eHealth en zorgportalen zijn in opkomst. Over de mogelijke gevaren van ICT in de zorg voor de informationele privacy is reeds veel gezegd en geschreven. Hiervan getuigen de debatten rondom het electronisch patiëntendossier. Maar hoe zit het met de andere patiëntenrechten? Men denke hierbij aan het recht op niet-weten, de therapeutische exceptie, het recht van vernietiging en de ruimtelijke privacy. Literatuur daarover is schaars. En hoe zit het eigenlijk met de gelijke toegang tot dergelijke nieuwe voorzieningen?

• De rechtspositie van vrijgevestigde medisch specialisten

Omdat de omgeving van ziekenhuizen sterk gewijzigd is (marktwerking, kwaliteitswetgeving, honorariaplafonds) zijn ook de verhoudingen tussen vrijgevestigde medisch specialisten en instellingsbesturen veranderd. Wat zijn de laatste juridische ontwikkelingen met betrekking tot de verantwoordelijkheden over en weer? Heeft het Scheidsgerecht recentelijk nog belangwekkende uitspraken gedaan?

›› breng een bod uit

Professor Jan Klein

foto Jan KleinJan Klein is bijzonder hoogleraar Veiligheid in de Zorg bij het iBMG. Hij studeerde geneeskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en specialiseerde zich daarna in de Anesthesiologie. Klein heeft als anesthesioloog gepraktiseerd in zowel academische als perifere ziekenhuizen. Zo was hij gedurende negen jaar hoogleraar/afdelingshoofd/opleider van de afdeling Anesthesiologie van het Erasmus MC. Daarnaast is hij bestuurlijk actief op landelijk niveau. Hij was onder andere voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie. Hij is lid van de kerngroep Patiëntveiligheid van het Erasmus MC en werkt als medisch adviseur voor Achmea. Tot juli 2011 werkte Klein als anesthesioloog in het Maasstad Ziekenhuis te Rotterdam.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Veiligheid in de zorg

Veiligheid in de zorg staat nu meer dan een decennium hoog op de nationale en internationale agenda. Hoewel er vele initiatieven ontplooid zijn, is het onduidelijk of de zorg veiliger is dan daarvoor. Klein schetst de enorme uitdagingen waar de zorg voor staat.

• Het leren van incidenten

Het leren van incidenten en bijna-incidenten vormt de basis van het veiliger worden van de zorg. Ondanks het feit dat incidenten formeel veilig gemeld kunnen worden door de zorgprofessional, is dit maar een klein deel het geval. Daarnaast wordt er beperkt lering getrokken. Hoe kan het lerend vermogen van uw organisatie op het vlak van veiligheid verhoogd worden?

• Het propofol-incident in het Havenziekenhuis

In september 2008 werden zeven patiënten in het Rotterdamse Havenziekenhuis ziek na een relatief eenvoudige ingreep. Al snel werd duidelijk dat de patiënten geïnfecteerd waren door een vervuild narcosemiddel. De toestand van een van hen, de Rotterdamse architect Wytze Patijn, was wekenlang kritiek. Klein had ten tijde van de crisis dienst als anesthesioloog en was direct betrokken bij de nasleep. Een reconstructie.

• De epidemiologie van patiëntonveiligheid

Patiëntonveiligheid is moeilijk zichtbaar voor zowel de zorgprofessional van de werkvloer, de bestuurder, als de patiënt. Klein verhaalt over schaal en verschijningsvormen van vermijdbare schade in de zorg.

• Het systeem op drift

Hoewel wij na een incident consequent op zoek gaan naar een eenduidige oorzaak, is iedere zorgorganisatie een complex systeem waarvan een deel of het geheel geleidelijk aan op drift kan raken. Hoe drift te herkennen en succesvol om te buigen zodat de veiligheid weer geborgd is?

›› breng een bod uit

Professor Joris van de Klundert

foto Joris van de KlundertJoris van de Klundert is hoogleraar Bedrijfsvoering van Zorgorganisaties en Directeur Onderwijs bij het iBMG. Vanuit zijn achtergrond als Operations Researcher heeft hij zich verdiept in de optimalisering van dienstennetwerken, en richt hij zich sinds 2009 volledig op de gezondheidszorg. Naast de cijfermatige kant van de optimalisatie van zorg, gaan zijn interesse en expertise uit naar excellente zorgverlenende organisaties, en de karakteristieken van excellente organisaties.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Health Services Excellence

Health Services Excellence gaat veel verder dan een keer per jaar lekkere koffie in de wachtkamer van de polikliniek. Er zijn organisaties die dag in dag uit, week in week uit, jaar in jaar uit, worden geroemd om hun klinische prestaties, hun klantoriëntatie, hun financiële gezondheid, en wellicht nog meer. Consistent excelleren, is geen toeval. Wat maakt deze zorgverlenende organisaties anders? Wat is er nodig om excellenter te worden?

• Zorglogistiek

Zorglogistiek is heel iets anders dan gewoon logistiek maar dan in de zorg. Zorg is geen product maar een dienst, en dan doorgaans ook nog een dienst waarvan de kwaliteit moeilijk is vast te stellen. Het sturen van het primaire zorgproces is daarmee complex en vraagt meer dan het toepassen van bewezen logistieke concepten. In deze lezing gaan we in op hoe het primaire zorgproces kan worden gestuurd en verbeterd, en hoe logistieke klassiekers als lean of quality management daarin succesvol kunnen worden toegepast.

›› breng een bod uit

Dr. Marc Koopmanschap

foto Marc KoopmanschapMarc Koopmanschap is Universitair Hoofddocent Gezondheidseconomie bij het institute for Medical Technology Assessment (iMTA). Hij is specialist op het gebied van de economische evaluatie van gezondheidszorginterventies, mantelzorgstudies, de relatie tussen vergrijzing en zorgkosten, en vergoedingenbeleid. Hij is een wereldwijde expert op het gebied van productivity costs en was mede-ontwikkelaar van de PRODISQ (Productivity and Disease Questionnaire) vragenlijst die ingezet kan worden als instrument binnen economische evaluaties.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• De prestaties van Europese vergoedingssystemen: een vergelijking tussen de Oostenrijkse, Franse, Belgische, Nederlandse en Zweedse systemen

Welke rol speelt HTA in besluitvorming in de Nederlandse praktijk? Zijn HTA en doelmatigheid wel zo belangrijk als menigeen denkt?

›› breng een bod uit

Professor Kim Putters

foto Kim PuttersKim Putters is hoogleraar Management van Instellingen in de gezondheidszorg aan het iBMG en Ondervoorzitter van de Eerste Kamer der Staten Generaal. Hij is tevens vice-fractievoorzitter van de PvdA-fractie. Als bestuurskundige houdt hij zich bezig met innovaties (zoals e-health) en ondernemerschap in de zorg, de uitvoering van de WMO in de lokale praktijk, en bestuur en toezicht van de gezondheidszorg. Nevenactiviteiten van Kim Putters zijn onder andere het voorzitterschap van het ZonMw onderzoeksprogramma Zorg voor Jeugd, het voorzitterschap van de Stichting Topklinische GGZ en hij is per juni 2012 voorzitter van de Raad van Toezicht van het Rijnstate Ziekenhuis.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)

Steeds meer taken rond zorg, welzijn en dienstverlening worden naar het lokaal bestuur gedecentraliseerd. Dat stelt het lokaal bestuur voor belangrijke vragen die te maken hebben met organisatie en governance. Op welke manieren kunnen we de netwerken van zorg en dienstverlening vormgeven? Welke nieuwe verhoudingen tussen eerste en tweede lijn ontstaan daardoor? Hoe kan het integrale zorgaanbod op de behoeften van burgers worden afgestemd en welke publiek private arrangementen zijn daarbij mogelijk? Vanuit ons onderzoek hiernaar schetsen wij de condities waaronder publieke, private en maatschappelijke actoren de WMO vormgeven en wat de effecten daarvan zijn. Ook de rolverdeling met VWS, de zorgverzekeraar en partijen buiten de zorg komt daarbij aan de orde.

• Innovatie in de zorg

Een van de veronderstellingen van markt en ondernemerschap in de zorg is het bevorderen van de innovatieve kracht van het systeem en van zorginstellingen en het bevorderen van innovaties. We maken een onderscheid tussen product- en logistieke innovaties en de betekenis van keteninnovatie. Belangrijke randvoorwaarden liggen in de institutionele arrangementen, de kenmerken van de zorg en professionele dienstverlening en in de visie van bestuurders en professionals op innovatie. De condities voor innoveren in de zorg en de rolverdeling die daarbij past komt aan de orde. Specifieke aandacht kan besteed worden aan de rol van extern toezicht (hoe kunnen IGZ, Nza en NMa de innovatiekracht van de zorg beïnvloeden) en het intern toezicht (met welke visie en welke kunde en instrumenten kunnen interne toezichthouders de innovatieve kracht van de instelling beoordelen en bevorderen).

• Ehealth en patiëntgerichtheid

Nieuwe technologie en innovaties rond ehealth lijken onbegrensde mogelijkheden te bieden voor verbetering van zorgpraktijken en regie door de patiënt. Onderzoek in de geestelijke gezondheidszorg laat zien dat naast de financiering en bekostiging een doordenking op de kenmerken van de doelgroep cruciaal is. Dat voorkomt dat patiënten eerder afhankelijker dan zelfredzamer worden door e mental health. De rol van bestuurders, in samenwerking met professionals, hun morele kompas en hun vaardigheden om professionele ruimte te creëren blijken cruciaal en komen aan de orde.

›› breng een bod uit

Professor Erik Schut

foto Erik SchutFrederik T. (Erik) Schut is als hoogleraar Gezondheidseconomie en Gezondheidsbeleid en als Directeur Onderzoek verbonden aan het iBMG. Zijn onderzoek richt zich in het bijzonder op marktwerking en regulering en de rol van consumentengedrag in de gezondheidszorg (zowel cure als care) en in zorgverzekeringsmarkten. Hij is voorts als ‘academic partner’ verbonden aan het Centraal Planbureau, en treedt/trad op in uiteenlopende overheidscommissies op het gebied van de financiering, verzekering en organisatie van de zorg.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Zorg tussen markt en budget

Via de invoering van gereguleerde concurrentie in de zorg wil de overheid de doelmatigheid van de zorg vergroten. Tegelijkertijd moeten de collectieve zorguitgaven binnen de grenzen van het Budgettair Kader Zorg (BKZ) blijven. Het huidige kabinet zet in op een forse toename van de ruimte voor marktwerking (vrije prijzen) maar ook op toenemende budgettaire beheersing (macrobeheersingsinstrument). Zijn markt en budget echter wel te verenigen?

• Langdurige zorg: wie neemt de regie?

Nederland heeft in vergelijking tot andere landen een zeer ruime en breed toegankelijke langdurige zorg. De toenemende vergrijzing zet de houdbaarheid van de langdurige zorgverzekering (AWBZ) echter steeds meer onder druk. Hoe moet de financiering van de langdurige zorg in de toekomst worden vormgegeven? Wie moet daarbij de regie krijgen: de centrale overheid, de zorgverzekeraars, de gemeenten of de zorggebruiker zelf? Wat zijn de voor- en nadelen van de verschillende opties?

• Moeten we ons zorgen maken over de zorguitgaven?

Zorg kost veel, maar levert ook veel op. Zo lijkt een belangrijk deel van de sinds 2002 sterk gestegen levensverwachting een gevolg van betere zorg, met name voor ouderen. Een goede gezondheid geldt voor veel mensen bovendien als een van de belangrijkste dingen in het leven. Waarom zouden we ons dan druk maken over de stijging van de zorguitgaven?

›› breng een bod uit

Professor J.L. (Hans) Severens

foto Hans SeverensHans Severens is hoogleraar Evaluatie van gezondheidszorg bij iBMG/iMTA. Zijn aandachtsgebied bestrijkt de methoden en het gebruik van economische evaluaties van medische technologie. Hij is lid van de Gezondheidsraad (o.a. de Beraadsgroep Geneeskunde, commissie Rijksvaccinatieprogramma), lid van de Commissie Farmaceutische Hulp (CFH) van het College voor Zorgverzekeringen, co-editor van het tijdschrift Value in Health en incidenteel adviseur voor verschillende farmaceutische bedrijven. Hij is director van ISPOR en lid van verschillende ISPOR Task Forces waaronder de huidige Performance Based Risk Sharing Arrangement Task Force.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Transferability van economische evaluaties

Het lijkt inefficiënt economische evaluaties steeds weer in ieder afzonderlijk land uit te voeren. Beleidsmakers van veel Europese landen kijken naar NICE en generaliseren deze bevindingen naar hun eigen beslissingscontext. Of dit valide is, blijft de vraag.

• Performance-based risk sharing arrangements

Beleidsprocedures en beslissingstrajecten om medische technologie al dan niet te vergoeden zijn in de regel langdurige procedures. Om patiënten en artsen vroegtijdig in het diffusietraject toegang te geven tot innovatieve technologie zijn voorwaardelijke vergoedingssystemen in veel westerse landen ingevoerd. Er is sprake van een veelheid van systemen, maar bereiken die wel het beoogde doel?

• Economische evaluaties: een introductie voor leken

Kosteneffectiviteit, doelmatigheid… Veel gebruikte termen, maar weten we eigenlijk wel echt wat we hiermee bedoelen? In dit seminar worden deelnemers uitgedaagd op een interactieve manier kennis te maken met de basale principes van economische evaluaties van medische technologie.

›› breng een bod uit

Professor Carin Uyl-de Groot

foto Carin Uyl-de GrootCarin Uyl de Groot is hoogleraar Health Technology Assessment bij het iMTA. Zij heeft expertise op het gebied van kosteneffectiviteitsstudies, uitkomstenonderzoek, kwaliteit van leven studies en beleidsvraagstukken rondom vergoedingen. Hierbij ligt de focus op diagnostische en therapeutische interventies op het gebied van kanker.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Vergoeding van dure geneesmiddelen

Het maakt voor het verkrijgen van vergoeding uit of een geneesmiddel intramuraal of extramuraal wordt toegediend en of het de status heeft van weesgeneesmiddel of niet. De eisen gesteld aan de nieuwe geneesmiddelen zijn aan verandering onderhevig (bijv. van 80% vergoeding naar add-on vergoeding). Belangrijke elementen zijn toegankelijkheid, doelmatigheid en doeltreffende toepassing van deze nieuwe geneesmiddelen. Voor het betaalbaar houden van de gezondheidszorg zullen er waarschijnlijk ook prijs/volume-afspraken gemaakt moeten worden. In dit seminar zullen deze zaken aan de orde komen.

• Uitkomstenonderzoek: theorie en praktijk

Bij het uitvoeren van uitkomstenonderzoek is een aantal factoren van groot belang. Denk hierbij aan de nauwkeurigheid en validiteit van het onderzoek. Voorbeelden uit de dagelijkse praktijk zullen laten zien dat hier heel voorzichtig mee moet worden omgegaan. In dit seminar zal hier nader op worden ingegaan, alsook op de eerste ervaringen met een aantal patiëntenregistraties op het gebied van kanker.

›› breng een bod uit

Professor Wynand van de Ven

foto Wynand van de VenWynand van de Ven is hoogleraar Zorgverzekeringen bij het iBMG. De onderzoeks- en onderwijsgebieden waar hij zich mee bezig houdt zijn gereguleerde concurrentie binnen de gezondheidszorg, concurrentie binnen de zorgverzekeringsmarkt, risicoselectie, moral hazard, risicoverevening, managed care en prioriteitenstelling in de gezondheidszorg. Hij is/was adviseur voor onder meer zorgverzekeraars, politieke partijen, de overheid, onderzoeksinstituten, ziekenhuizen en andere zorgorganisaties.

Seminars

(klik op titel voor meer informatie)

• Zorgverzekeringsmarkt

Een goed functionerende zorgverzekeringsmarkt is cruciaal voor het welslagen van de hervormingen in de zorg. Maar in hoeverre is deze voorwaarde vervuld? Hoe concurrerend is deze markt met 4 grote zorgverzekeraars die samen 90% van de markt hebben? Switchen mensen wel voldoende van zorgverzekeraar? Doen zorgverzekeraars wel genoeg aan zorginkoop? Is risicoselectie aantrekkelijk(er dan zorginkoop)? Wordt de acceptatieplicht uitgehold door collectiviteiten? En is uitvoering van de AWBZ door zorgverzekeraars vanaf 2013 wel verstandig, of niet?

• Risicoverevening

Het systeem van risicoverevening moet de zorgverzekeraars compenseren voor de (extreem) hoge kosten van ouderen en chronisch zieken. Hoewel de Nederlandse risicoverevening goed is (en tot de beste ter wereld behoort) is deze nog niet goed genoeg. Veel en grote groepen chronisch zieken worden onvoldoende gecompenseerd en zijn voor de zorgverzekeraars voorspelbaar verliesgevend. Dit geeft de verzekeraars prikkels om niet in te spelen op de preferenties van deze groepen verzekerden, bijvoorbeeld door niet de voor hen beste zorg in te kopen, en door andere vormen van risicoselectie.

In dit seminar wordt ingegaan op vragen zoals: hoe werkt de risicoverevening? Hoe kan risicoselectie worden tegengegaan? Welke perspectieven voor de komende jaren?

›› breng een bod uit